15.09 Volksziekte nr. 1

In de Balie een avond over zelfdoding naar aanleiding van de documentaire Het Voorland is Back van Susanne Heering. Tijdens deze avond is het de bedoeling dat ik een cultureel-maatschappelijk perspectief geef op zelfdoding.

| agenda, uncategorized

15.09 Volksziekte nr. 1

In de Balie een avond over zelfdoding naar aanleiding van de documentaire Het Voorland is Back van Susanne Heering. Tijdens deze avond is het de bedoeling dat ik een cultureel-maatschappelijk perspectief geef op zelfdoding.

| agenda, uncategorized

Zelfverwoestingsboek

Nooit zijn er meer boeken, cursussen, YouTube video’s en Ted Talks geweest die ons vertellen hoe we een betere versie worden van onszelf: gezonder, gelukkiger, slanker en succesvoller. Als we maar ons huis opruimen, mediteren, falen als een les zien, problemen als uitdagingen, in het nu leven en geen fuck geven, komt alles goed. We geloven het, kopen het, proberen het: de zelfhulpindustrie is een van de grootste industrieën ter wereld.

Ondertussen lijden steeds meer mensen aan depressie, angststoornissen en burn-outs, en neemt het medicijngebruik explosief toe. Waarom? Omdat we nog steeds denken dat er iets mis is met ons, dat wij degenen zijn die moeten veranderen, dat het onze schuld is dat we niet meekomen. Maar wat als de zelfhulpindustrie geen medicijn is, maar onderdeel van de kwaal?

Dit zelfverwoestingsboek is een oproep om de teugels te laten vieren, om strengheid te vervangen door vergevingsgezindheid, om te falen, ongezond en lelijk te zijn, om af te wijken van de norm, en zo een systeem te ondermijnen dat ons allemaal naar beneden haalt. Door te stinken, drinken, bloeden, branden en dansen!

Inmiddels ligt de vierde druk in de winkel en zijn de vertaalrechten verkocht aan Duitsland, Frankrijk, Spanje en Italië! 

PERS

RECENSIES

| uncategorized

Zelfverwoestingsboek

Nooit zijn er meer boeken, cursussen, YouTube video’s en Ted Talks geweest die ons vertellen hoe we een betere versie worden van onszelf: gezonder, gelukkiger, slanker en succesvoller. Als we maar ons huis opruimen, mediteren, falen als een les zien, problemen als uitdagingen, in het nu leven en geen fuck geven, komt alles goed. We geloven het, kopen het, proberen het: de zelfhulpindustrie is een van de grootste industrieën ter wereld.

Ondertussen lijden steeds meer mensen aan depressie, angststoornissen en burn-outs, en neemt het medicijngebruik explosief toe. Waarom? Omdat we nog steeds denken dat er iets mis is met ons, dat wij degenen zijn die moeten veranderen, dat het onze schuld is dat we niet meekomen. Maar wat als de zelfhulpindustrie geen medicijn is, maar onderdeel van de kwaal?

Dit zelfverwoestingsboek is een oproep om de teugels te laten vieren, om strengheid te vervangen door vergevingsgezindheid, om te falen, ongezond en lelijk te zijn, om af te wijken van de norm, en zo een systeem te ondermijnen dat ons allemaal naar beneden haalt. Door te stinken, drinken, bloeden, branden en dansen!

Inmiddels ligt de vierde druk in de winkel en zijn de vertaalrechten verkocht aan Duitsland, Frankrijk, Spanje en Italië! 

PERS

RECENSIES

| uncategorized

Allemaal Alice in Wonderland

Het lijken twee gescheiden werelden: die van het denken en die van het doen. Die van de theorie en die van de praktijk. Of zoals Marjolijn Februari als voorbeeld geeft: ‘Een vriendin van mij had vroeger een relatie met een man die bij alles wat gebeurde eerst een boek ging lezen. Als hij een fototoestel kocht moest hij tegelijk een boek kopen om te weten hoe het werkte. Andere mensen drukken gewoon op wat knoppen. Ik leef en functioneer in een wereld waarin iedereen alles per boek doet.’

Het is de wereld van academici, intellectuelen en beleidsmakers. Kennis en regels staan er voorop. Maar Marjolijn Februari begrijpt ook die andere kant, ‘Ik heb twee zielen in mijn borst’, en dat is hoog nodig, want de intellectuele elite vergeet maar al te vaak dat de werkelijkheid oneindig veel woester is dan in theorieën of modellen te vangen valt.

In dat opzicht is Alice in Wonderland de perfecte vergelijking. Niet voor niets is het Marjolijn Februari’s lievelingsboek. ‘Over het algemeen denken mensen dat Alice in Wonderland over een fantasiewereld gaat, maar eigenlijk gaat het over de werking van kennis. Wanneer Alice in onze wonderlijke wereld terechtkomt, probeert ze voortdurend regels toe te passen die ze op school heeft geleerd. Maar dat werkt niet. Omdat ze de regels niet meer zo goed weet en ze dus maar half toepast, maar ook omdat de werkelijkheid veel vreemder is dan ze op school heeft geleerd.’

Alice in Wonderland toont ons zo de voortdurende mislukkende poging om greep te krijgen op de werkelijkheid. ‘Dat maakt het boek ook zo dramatisch, omdat zij dat maar steeds ijverig blijft volhouden en proberen, waardoor ze een tragische held is.’

En in feite zijn we dat allemaal. ‘Ik denk dat dat ons aller tragiek is, dat we voortdurend proberen om de wereld netjes te ordenen en te begrijpen, maar net als bij Alice lukt dat steeds niet. De werkelijkheid schiet er aan alle kanten onderdoor.’

Juist die wisselwerking tussen regels, theorieën en principes enerzijds en de weerbarstige werkelijkheid anderzijds fascineert Marjolijn Februari. ‘Het is een voortdurende cirkelgang, we passen regels toe en veranderen daarmee de praktijk. Blijkt dat geen succes, dan veranderen we de regels en proberen het opnieuw, maar nooit sluit alles perfect aan. Omdat de werkelijkheid telkens wonderlijker blijkt dan we dachten.’

Dat is wat Marjolijn Februari vooral via haar werk wil doen: ‘Het bewustzijn creëren dat die cirkel bestaat. Mijn werk, zowel mijn literaire werk als mijn advieswerk, is een vertaalslag tussen de woeste mensen van het leven zelf en de nette geordende mensen van de regels, de ambtenarij. Ik loop van de een naar de ander en probeer ze aan elkaar uit te leggen.’

Daarbij zou ze het liefst alle lagen van de bevolking aanspreken, – ‘Ik heb wel eens tegen een vriend gezegd: eigenlijk zou ik wel langs zaaltjes willen gaan om iedereen uit te leggen hoe het recht in elkaar steekt en hoe lastig het is om beleid te maken, maar die zei: ze zien je aankomen, zo’n deftige mevrouw’ -, maar vooralsnog richt ze zich vooral op de intellectuele elite.

‘De elite moet beter beseffen waarom mensen tegenwoordig zo wanhopig zijn. Angstig, zeker aan de onderkant van de samenleving, voor dingen die ons overspoelen. Ik begrijp die wanhoop heel goed. Het is de wanhoop van Alice in Wonderland: er gebeuren rare dingen en ik raak de greep kwijt.’ Uiteindelijk helpt kennis toch. ‘Het maakt mensen rustiger, juist als je snapt dat je niet alles kunt controleren en dat wij tragische wezens zijn. Ik las vorig jaar in de krant dat in Nederland twee miljoen mensen een IQ hebben van 85 of lager. Vanuit je keurige elitaire positie kun je boos worden op die mensen, maar je kunt ook denken: zouden we ze niet eens wat uitleggen en ze helpen zich te verhouden tegenover deze ingewikkelde wereld.’

En dat begint door zelf het goede voorbeeld te geven. ‘Als die bovenlaag zich nou eerst gewoon netjes gaat gedragen, en laat zien hoe je de maatschappij fatsoenlijk draaiende houdt, dan zou dat al erg veel schelen. Ik geloof vurig in het idee van het zinkende cultuurgoed, je moet bovenaan beginnen en dan zinkt het goede gedrag vanzelf naar beneden.’

In dat opzicht ligt er ook een taak voor de columnist. Bescheiden misschien, maar ook stukken in de krant bepalen de stemming van een land. ‘Ik merk dat ik de laatste tijd veel columns en krantenstukken in Nederland chagrijnig vind. Je kunt wel zeggen dat alles stom is en dat iedereen alles verkeerd doet, en dat anderen het allemaal mis hebben, maar daar wordt de samenleving niet vrolijker van. De beste analyse op dat punt is het verhaal van Marten Toonder over het monster Trotteldom. In dat verhaal zijn de Trottels heel bang voor een groot wezen dat af en toe het land vertrapt. De Trottels menen te voelen wanneer hij er aankomt en als het zover is springen ze met zijn allen in een gat in de grond om zich te verstoppen. Komen ze weer boven, dan blijkt dat het monster inderdaad alles heeft verwoest. Uiteindelijk komt Tom Poes erachter dat het monster bestaat uit de horde angstige Trottels die massaal zijn weggerend voor het vermeende gevaar. Je kunt als columnist roepen: oh nu gaat alles mis, je kunt vervallen tot chagrijn en ellende en beschuldigingen, maar dan ben je in wezen het monster al geworden dat je vreest. Af en toe moet je jezelf bij de kraag vatten en zeggen: nu gaan we iets leuks doen.’

Zoals bijvoorbeeld in de Annie Romein Verschoorlezing die Marjolijn Februari 8 maart aan de Universiteit van Leiden houdt. Ook hier staat de weerbarstige werkelijkheid weer centraal. Want vooral vrouwen worden nog veel te vaak in een hokje geduwd.

‘Ik krijg zoveel uitnodigingen op basis van geslacht. Als ik vraag waarom ik ben uitgenodigd, is het antwoord regelmatig: “Wij willen graag één man en één vrouw en wij dachten: ja, u bent een vrouw.” Ik citeer graag een redacteur van een literair tijdschrift die ooit zei: “Wij hebben voor het volgende nummer een aantal vrouwelijke schrijvers uitgenodigd en ook een aantal gewone schrijvers.” Dat is geen slip of the tongue. Zo iemand ziet vrouwen gewoon als een subspecies van de idiot savant. Je bent een soort idioot, maar wonderlijk genoeg heb je nog wel ergens verstand van.’

En dat hokjesdenken wordt alleen maar erger. ‘Vroeger kon je wilder en eigenzinniger omgaan met je eigen leven. In de literatuur van de negentiende eeuw verandert iedereen voortdurend van klasse, van cultuur, van geslacht. Je trok andere kleren aan en je was iemand anders. Je dook onder en je was verdwenen. Tegenwoordig kan dat niet meer. Iedereen wordt steeds dwingender vastgelegd in data. Dat pakt vooral slecht uit voor vrouwen. Vrouwen zijn altijd meer een groep geweest. Je zegt nooit: “Dat is een man, dus…” Maar wat voor alle vrouwen geldt, geldt voor iedere vrouw afzonderlijk.’ Zo heet iedere vrouw dol op schoenen te zijn, kan ze geen kaart lezen en wordt ze geleid door emoties. Stereotypes waar de toegenomen digitalisering en commercialisering gretig op in springt. ‘Internet doet niets anders dan profielen maken. Op grond daarvan krijg je aangepaste marketing en selectieve informatie.’ Tel daar het oprukkende conservatisme bij op en het kader is compleet. ‘Een van de belangrijkste onderscheiden in het conservatieve denken is toch die tussen man en vrouw. Ik blijf proberen die ordening overhoop te gooien, te laten zien welke wilde individualiteit er heerst. Je kunt mensen niet onderbrengen in een groep.’ Want uiteindelijk schiet de werkelijkheid er altijd onderdoor. Kijk maar naar Alice in Wonderland.

| uncategorized

Allemaal Alice in Wonderland

Het lijken twee gescheiden werelden: die van het denken en die van het doen. Die van de theorie en die van de praktijk. Of zoals Marjolijn Februari als voorbeeld geeft: ‘Een vriendin van mij had vroeger een relatie met een man die bij alles wat gebeurde eerst een boek ging lezen. Als hij een fototoestel kocht moest hij tegelijk een boek kopen om te weten hoe het werkte. Andere mensen drukken gewoon op wat knoppen. Ik leef en functioneer in een wereld waarin iedereen alles per boek doet.’

Het is de wereld van academici, intellectuelen en beleidsmakers. Kennis en regels staan er voorop. Maar Marjolijn Februari begrijpt ook die andere kant, ‘Ik heb twee zielen in mijn borst’, en dat is hoog nodig, want de intellectuele elite vergeet maar al te vaak dat de werkelijkheid oneindig veel woester is dan in theorieën of modellen te vangen valt.

In dat opzicht is Alice in Wonderland de perfecte vergelijking. Niet voor niets is het Marjolijn Februari’s lievelingsboek. ‘Over het algemeen denken mensen dat Alice in Wonderland over een fantasiewereld gaat, maar eigenlijk gaat het over de werking van kennis. Wanneer Alice in onze wonderlijke wereld terechtkomt, probeert ze voortdurend regels toe te passen die ze op school heeft geleerd. Maar dat werkt niet. Omdat ze de regels niet meer zo goed weet en ze dus maar half toepast, maar ook omdat de werkelijkheid veel vreemder is dan ze op school heeft geleerd.’

Alice in Wonderland toont ons zo de voortdurende mislukkende poging om greep te krijgen op de werkelijkheid. ‘Dat maakt het boek ook zo dramatisch, omdat zij dat maar steeds ijverig blijft volhouden en proberen, waardoor ze een tragische held is.’

En in feite zijn we dat allemaal. ‘Ik denk dat dat ons aller tragiek is, dat we voortdurend proberen om de wereld netjes te ordenen en te begrijpen, maar net als bij Alice lukt dat steeds niet. De werkelijkheid schiet er aan alle kanten onderdoor.’

Juist die wisselwerking tussen regels, theorieën en principes enerzijds en de weerbarstige werkelijkheid anderzijds fascineert Marjolijn Februari. ‘Het is een voortdurende cirkelgang, we passen regels toe en veranderen daarmee de praktijk. Blijkt dat geen succes, dan veranderen we de regels en proberen het opnieuw, maar nooit sluit alles perfect aan. Omdat de werkelijkheid telkens wonderlijker blijkt dan we dachten.’

Dat is wat Marjolijn Februari vooral via haar werk wil doen: ‘Het bewustzijn creëren dat die cirkel bestaat. Mijn werk, zowel mijn literaire werk als mijn advieswerk, is een vertaalslag tussen de woeste mensen van het leven zelf en de nette geordende mensen van de regels, de ambtenarij. Ik loop van de een naar de ander en probeer ze aan elkaar uit te leggen.’

Daarbij zou ze het liefst alle lagen van de bevolking aanspreken, – ‘Ik heb wel eens tegen een vriend gezegd: eigenlijk zou ik wel langs zaaltjes willen gaan om iedereen uit te leggen hoe het recht in elkaar steekt en hoe lastig het is om beleid te maken, maar die zei: ze zien je aankomen, zo’n deftige mevrouw’ -, maar vooralsnog richt ze zich vooral op de intellectuele elite.

‘De elite moet beter beseffen waarom mensen tegenwoordig zo wanhopig zijn. Angstig, zeker aan de onderkant van de samenleving, voor dingen die ons overspoelen. Ik begrijp die wanhoop heel goed. Het is de wanhoop van Alice in Wonderland: er gebeuren rare dingen en ik raak de greep kwijt.’ Uiteindelijk helpt kennis toch. ‘Het maakt mensen rustiger, juist als je snapt dat je niet alles kunt controleren en dat wij tragische wezens zijn. Ik las vorig jaar in de krant dat in Nederland twee miljoen mensen een IQ hebben van 85 of lager. Vanuit je keurige elitaire positie kun je boos worden op die mensen, maar je kunt ook denken: zouden we ze niet eens wat uitleggen en ze helpen zich te verhouden tegenover deze ingewikkelde wereld.’

En dat begint door zelf het goede voorbeeld te geven. ‘Als die bovenlaag zich nou eerst gewoon netjes gaat gedragen, en laat zien hoe je de maatschappij fatsoenlijk draaiende houdt, dan zou dat al erg veel schelen. Ik geloof vurig in het idee van het zinkende cultuurgoed, je moet bovenaan beginnen en dan zinkt het goede gedrag vanzelf naar beneden.’

In dat opzicht ligt er ook een taak voor de columnist. Bescheiden misschien, maar ook stukken in de krant bepalen de stemming van een land. ‘Ik merk dat ik de laatste tijd veel columns en krantenstukken in Nederland chagrijnig vind. Je kunt wel zeggen dat alles stom is en dat iedereen alles verkeerd doet, en dat anderen het allemaal mis hebben, maar daar wordt de samenleving niet vrolijker van. De beste analyse op dat punt is het verhaal van Marten Toonder over het monster Trotteldom. In dat verhaal zijn de Trottels heel bang voor een groot wezen dat af en toe het land vertrapt. De Trottels menen te voelen wanneer hij er aankomt en als het zover is springen ze met zijn allen in een gat in de grond om zich te verstoppen. Komen ze weer boven, dan blijkt dat het monster inderdaad alles heeft verwoest. Uiteindelijk komt Tom Poes erachter dat het monster bestaat uit de horde angstige Trottels die massaal zijn weggerend voor het vermeende gevaar. Je kunt als columnist roepen: oh nu gaat alles mis, je kunt vervallen tot chagrijn en ellende en beschuldigingen, maar dan ben je in wezen het monster al geworden dat je vreest. Af en toe moet je jezelf bij de kraag vatten en zeggen: nu gaan we iets leuks doen.’

Zoals bijvoorbeeld in de Annie Romein Verschoorlezing die Marjolijn Februari 8 maart aan de Universiteit van Leiden houdt. Ook hier staat de weerbarstige werkelijkheid weer centraal. Want vooral vrouwen worden nog veel te vaak in een hokje geduwd.

‘Ik krijg zoveel uitnodigingen op basis van geslacht. Als ik vraag waarom ik ben uitgenodigd, is het antwoord regelmatig: “Wij willen graag één man en één vrouw en wij dachten: ja, u bent een vrouw.” Ik citeer graag een redacteur van een literair tijdschrift die ooit zei: “Wij hebben voor het volgende nummer een aantal vrouwelijke schrijvers uitgenodigd en ook een aantal gewone schrijvers.” Dat is geen slip of the tongue. Zo iemand ziet vrouwen gewoon als een subspecies van de idiot savant. Je bent een soort idioot, maar wonderlijk genoeg heb je nog wel ergens verstand van.’

En dat hokjesdenken wordt alleen maar erger. ‘Vroeger kon je wilder en eigenzinniger omgaan met je eigen leven. In de literatuur van de negentiende eeuw verandert iedereen voortdurend van klasse, van cultuur, van geslacht. Je trok andere kleren aan en je was iemand anders. Je dook onder en je was verdwenen. Tegenwoordig kan dat niet meer. Iedereen wordt steeds dwingender vastgelegd in data. Dat pakt vooral slecht uit voor vrouwen. Vrouwen zijn altijd meer een groep geweest. Je zegt nooit: “Dat is een man, dus…” Maar wat voor alle vrouwen geldt, geldt voor iedere vrouw afzonderlijk.’ Zo heet iedere vrouw dol op schoenen te zijn, kan ze geen kaart lezen en wordt ze geleid door emoties. Stereotypes waar de toegenomen digitalisering en commercialisering gretig op in springt. ‘Internet doet niets anders dan profielen maken. Op grond daarvan krijg je aangepaste marketing en selectieve informatie.’ Tel daar het oprukkende conservatisme bij op en het kader is compleet. ‘Een van de belangrijkste onderscheiden in het conservatieve denken is toch die tussen man en vrouw. Ik blijf proberen die ordening overhoop te gooien, te laten zien welke wilde individualiteit er heerst. Je kunt mensen niet onderbrengen in een groep.’ Want uiteindelijk schiet de werkelijkheid er altijd onderdoor. Kijk maar naar Alice in Wonderland.

| uncategorized

lezing Women Inc.

Wat beweegt een vrouw haar lichaam te verkopen? Om seks met vreemde mannen te hebben? Is het mogelijk dat iemand dat uit vrije wil doet? Bij haar volle verstand?

Ja, dat is mogelijk.

Alles draait om de keuzes die je hebt.

Wie mag kiezen tussen een baantje als schoonmaakster, oftewel met gekromde rug op je knieën de stront uit toiletpotten schrapen, en betaalde seks, mag kiezen tussen 8 euro per uur en 25 euro per uur, voor diegenen is de keuze soms geen moeilijke.

Iedereen heeft recht op een leuke, uitdagende baan, een fijn huis, een lieve partner. Maar tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren, enzovoort. Voor veel Oost-Europese vrouwen is dit de realiteit: een thuisland waar de kansen op een goede opleiding of baan minimaal zijn.

Is de keuze om sekswerker in Nederland te worden dan in vrijheid gemaakt? Wel gezien de mogelijkheden die er zijn, niet gezien de mogelijkheden die er zouden moeten zijn.

Er zijn ook vrouwen, en dat is het andere uiterste, die die leuke, uitdagende baan hebben, dat fijne huis, ja soms zelfs die lieve partner met kinderen erbij, en er toch voor kiezen zich te laten betalen voor seks. Omdat ze op zoek zijn naar spanning en avontuur, omdat ze hun leven saai vinden, omdat ze er meer uit willen halen dan ze tot nu toe hebben gedaan. Ze willen chic uit eten, in het Amstel logeren en af en toe een reisje naar Parijs.

De Poolse immigrante en de luxe escort, allebei verkopen ze hun lichaam, maar de een doet het omdat ze keuzes te over heeft, terwijl er voor de ander juist te weinig zijn.

Ik ben een schrijver, maar werk ook als telefoniste bij een escortbureau, het chicste en duurste bureau van Nederland. De vrouwen die daar werken zijn hoog opgeleid en weten precies wat ze doen.

Een van de escorts heeft in het dagelijks leven een topfunctie in de autoindustrie. De hele dag is ze omringd door mannen die elkaar en vooral haar voortdurend proberen te overtreffen. Jarenlang speelde ze het spel mee, ze werd een haantje, een top-dog, volgens eigen zeggen: ‘een keiharde bitch’. Totdat ze, wederom volgens eigen zeggen, als escort ging werken. Ze leerde hoe ze haar vrouwelijke kwaliteiten aan kon wenden om mannen haar wil op te leggen, niet alleen in dure hotelkamers, maar ook op haar werk.

Zoals Lily, de hoofdpersoon in mijn roman, over escorts zegt: ‘Ze past zich aan, ze vormt zich om, het lijkt of ze meegeeft maar de kracht die ze uitoefent is dwingend en sterk.’

In de autoindustrie had deze escort er veel succes mee: ze werd veel aardiger en haar personeel luisterde desondanks beter naar haar.

Is deze vrouw vroeger misbruikt? Zijn de andere escorts dat? Hebben ze daarom een misvorm beeld van seks? Ik weet het niet. Degene die ik gesproken heb zeggen van niet. Die zeggen dat ze voor dit werk kiezen. Bij hun volle verstand. Ze zien het probleem niet zo.

We leven tenslotte in een wereld waarin damesbladen als de Yes en Viva artikelen plaatsen over hoe je lekker pijpt, waarin Linda in haar tijdschrift stelt dat je gewoon zin moet maken als je die zin niet hebt, waarin op elke straathoek reclames hangen van vrouwen in hun ondergoed, waarin een boek als ‘How to make love like a pornstar’ een bestseller wordt. Waarin alles, of het nu om auto’s, deodorant of wc-papier gaat, verkocht wordt met seks.

Vrijheid is een illusie. Pas als we allemaal een gelukkige jeugd hebben gehad, als we in een wereld leven waar de kansen voor iedereen gelijk zijn, waar je ook geboren bent, pas als we allemaal geharnast zijn tegen een tijdsgeest die ons probeert te verkopen dat alles te koop is, pas dan zijn keuzes echt vrij. Tot die tijd moeten we het doen met wat we hebben: de realiteit.

Als het aan mij lag verdiende een schoonmaakster evenveel als een prostituee. Als het aan mij lag werd het lichaam van een vrouw niet gebruikt om producten te verkopen. Als het aan mij lag had iedereen, waar ter wereld ook, dezelfde kansen en mogelijkheden.

Vooralsnog is dat niet het geval. En misschien gaat dat ook nooit gebeuren. Maar wie ondertussen onze aandacht verdienen zijn degenen die geen enkele kans of mogelijkheid hebben, de vrouwen die de keuze helemaal ontnomen is. Vrouwen die onder valse voorwendselen hierheen worden gelokt. Wier paspoort wordt afgepakt en vervolgens uren achter elkaar te werk wordt gesteld, in een flat vier hoog achter ergens in Nederland. Dat is een absolute schande en een smet op de vrijheid, welke invulling je ook aan het begrip geeft.

Maar het slechtste wat we daarbij kunnen doen is een hele beroepsgroep over één kam scheren en te stigmatiseren. En toch is dit precies wat de overheid steeds weer blijft doen. Ze willen de exploitatie en uitbuiting van weerloze vrouwen aanpakken, maar in de plannen die ze presenteren worden alle verschillende sekswerkers steeds weer op een grote hoop gegooid.

Alsof een Poolse, gedwongen sekswerker dezelfde is als de high-class escort met haar top-baan in de autoindustrie. Die vergelijking doet beide vrouwen ernstig tekort.

Er is verschil en dat verschil is essentieel. Wat we nodig hebben zijn geen grote gebaren, geen symboolpolitiek, in de vorm van pasjes, telefoonnummers, en algehele registratie, maar tijd, geld en aandacht. Werken op individueel niveau. Veldwerk, vakbonden, de verscheidenheid juist gebruiken. Veel meer mensen moeten de paden op en de lanen in, om te luisteren naar de signalen die er áltijd zijn.

Toen Saban B. actief was op de Wallen hebben collega-raamexploitanten veelvuldig geklaagd. Met die klachten is niets gedaan.

Vrouwen die het eindelijk aandurven om naar de politie te stappen om aangifte tegen hun pooier te doen, moeten jarenlang wachten tot er actie ondernomen wordt, zo bleek onlangs uit een uitzending van Nieuwsuur.

Menselijkheid, een menselijke blik, dat is wat er vooralsnog mist. Niet alleen in het probleem, maar vaak genoeg ook in de zoektocht naar een oplossing.

| uncategorized

lezing Women Inc.

Wat beweegt een vrouw haar lichaam te verkopen? Om seks met vreemde mannen te hebben? Is het mogelijk dat iemand dat uit vrije wil doet? Bij haar volle verstand?

Ja, dat is mogelijk.

Alles draait om de keuzes die je hebt.

Wie mag kiezen tussen een baantje als schoonmaakster, oftewel met gekromde rug op je knieën de stront uit toiletpotten schrapen, en betaalde seks, mag kiezen tussen 8 euro per uur en 25 euro per uur, voor diegenen is de keuze soms geen moeilijke.

Iedereen heeft recht op een leuke, uitdagende baan, een fijn huis, een lieve partner. Maar tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren, enzovoort. Voor veel Oost-Europese vrouwen is dit de realiteit: een thuisland waar de kansen op een goede opleiding of baan minimaal zijn.

Is de keuze om sekswerker in Nederland te worden dan in vrijheid gemaakt? Wel gezien de mogelijkheden die er zijn, niet gezien de mogelijkheden die er zouden moeten zijn.

Er zijn ook vrouwen, en dat is het andere uiterste, die die leuke, uitdagende baan hebben, dat fijne huis, ja soms zelfs die lieve partner met kinderen erbij, en er toch voor kiezen zich te laten betalen voor seks. Omdat ze op zoek zijn naar spanning en avontuur, omdat ze hun leven saai vinden, omdat ze er meer uit willen halen dan ze tot nu toe hebben gedaan. Ze willen chic uit eten, in het Amstel logeren en af en toe een reisje naar Parijs.

De Poolse immigrante en de luxe escort, allebei verkopen ze hun lichaam, maar de een doet het omdat ze keuzes te over heeft, terwijl er voor de ander juist te weinig zijn.

Ik ben een schrijver, maar werk ook als telefoniste bij een escortbureau, het chicste en duurste bureau van Nederland. De vrouwen die daar werken zijn hoog opgeleid en weten precies wat ze doen.

Een van de escorts heeft in het dagelijks leven een topfunctie in de autoindustrie. De hele dag is ze omringd door mannen die elkaar en vooral haar voortdurend proberen te overtreffen. Jarenlang speelde ze het spel mee, ze werd een haantje, een top-dog, volgens eigen zeggen: ‘een keiharde bitch’. Totdat ze, wederom volgens eigen zeggen, als escort ging werken. Ze leerde hoe ze haar vrouwelijke kwaliteiten aan kon wenden om mannen haar wil op te leggen, niet alleen in dure hotelkamers, maar ook op haar werk.

Zoals Lily, de hoofdpersoon in mijn roman, over escorts zegt: ‘Ze past zich aan, ze vormt zich om, het lijkt of ze meegeeft maar de kracht die ze uitoefent is dwingend en sterk.’

In de autoindustrie had deze escort er veel succes mee: ze werd veel aardiger en haar personeel luisterde desondanks beter naar haar.

Is deze vrouw vroeger misbruikt? Zijn de andere escorts dat? Hebben ze daarom een misvorm beeld van seks? Ik weet het niet. Degene die ik gesproken heb zeggen van niet. Die zeggen dat ze voor dit werk kiezen. Bij hun volle verstand. Ze zien het probleem niet zo.

We leven tenslotte in een wereld waarin damesbladen als de Yes en Viva artikelen plaatsen over hoe je lekker pijpt, waarin Linda in haar tijdschrift stelt dat je gewoon zin moet maken als je die zin niet hebt, waarin op elke straathoek reclames hangen van vrouwen in hun ondergoed, waarin een boek als ‘How to make love like a pornstar’ een bestseller wordt. Waarin alles, of het nu om auto’s, deodorant of wc-papier gaat, verkocht wordt met seks.

Vrijheid is een illusie. Pas als we allemaal een gelukkige jeugd hebben gehad, als we in een wereld leven waar de kansen voor iedereen gelijk zijn, waar je ook geboren bent, pas als we allemaal geharnast zijn tegen een tijdsgeest die ons probeert te verkopen dat alles te koop is, pas dan zijn keuzes echt vrij. Tot die tijd moeten we het doen met wat we hebben: de realiteit.

Als het aan mij lag verdiende een schoonmaakster evenveel als een prostituee. Als het aan mij lag werd het lichaam van een vrouw niet gebruikt om producten te verkopen. Als het aan mij lag had iedereen, waar ter wereld ook, dezelfde kansen en mogelijkheden.

Vooralsnog is dat niet het geval. En misschien gaat dat ook nooit gebeuren. Maar wie ondertussen onze aandacht verdienen zijn degenen die geen enkele kans of mogelijkheid hebben, de vrouwen die de keuze helemaal ontnomen is. Vrouwen die onder valse voorwendselen hierheen worden gelokt. Wier paspoort wordt afgepakt en vervolgens uren achter elkaar te werk wordt gesteld, in een flat vier hoog achter ergens in Nederland. Dat is een absolute schande en een smet op de vrijheid, welke invulling je ook aan het begrip geeft.

Maar het slechtste wat we daarbij kunnen doen is een hele beroepsgroep over één kam scheren en te stigmatiseren. En toch is dit precies wat de overheid steeds weer blijft doen. Ze willen de exploitatie en uitbuiting van weerloze vrouwen aanpakken, maar in de plannen die ze presenteren worden alle verschillende sekswerkers steeds weer op een grote hoop gegooid.

Alsof een Poolse, gedwongen sekswerker dezelfde is als de high-class escort met haar top-baan in de autoindustrie. Die vergelijking doet beide vrouwen ernstig tekort.

Er is verschil en dat verschil is essentieel. Wat we nodig hebben zijn geen grote gebaren, geen symboolpolitiek, in de vorm van pasjes, telefoonnummers, en algehele registratie, maar tijd, geld en aandacht. Werken op individueel niveau. Veldwerk, vakbonden, de verscheidenheid juist gebruiken. Veel meer mensen moeten de paden op en de lanen in, om te luisteren naar de signalen die er áltijd zijn.

Toen Saban B. actief was op de Wallen hebben collega-raamexploitanten veelvuldig geklaagd. Met die klachten is niets gedaan.

Vrouwen die het eindelijk aandurven om naar de politie te stappen om aangifte tegen hun pooier te doen, moeten jarenlang wachten tot er actie ondernomen wordt, zo bleek onlangs uit een uitzending van Nieuwsuur.

Menselijkheid, een menselijke blik, dat is wat er vooralsnog mist. Niet alleen in het probleem, maar vaak genoeg ook in de zoektocht naar een oplossing.

| uncategorized